112SimNoodcentralesimulator

Oproepsjablonen

Nieuw sjabloon

Wat de beller aan de telefoon zegt. Een sjabloon kiest een plaats van één van zijn locatiesoorten. Standaardsjablonen komen uit de seed en worden bij een sjablonenupdate opnieuw opgebouwd; wie er één aanpast, krijgt een eigen kopie die blijft staan. Uitschakelen van een standaardsjabloon geldt tot de volgende sjablonenupdate.

Nieuw sjabloon
Oproeptype:
Beller:
Tekst:
Uren:van tot uurleeg = altijd; mag over middernacht (22 tot 6)
Slachtoffers: tot mogelijk aantal; grote aantallen zijn zeldzamer, vanaf 4 = MCE
Gewicht:1 = even vaak als een gemiddeld sjabloon van dit type
Locatiesoorten:
Velden in de tekst
{waar}de plaats, bv. "de Kerkstraat 12 in Gent" of "de E40 ter hoogte van Aalter"
{adres} {straat} {naam} {gemeente}delen van de plaats
{Persoon} {persoon} {PersoonOud}"Mijn man", "mijn moeder", "Mijn opa"…
{Iemand} {IemandOud} {Kind} {KindVreemd}"Een man", "Een oudere vrouw", "Ons zoontje"…
{Bewoner} {Speler} {Zwangere}"Een bewoonster", "Een speler", "Mijn vrouw"…
{hij} {Hij} {zijn} {hem}voornaamwoorden in hetzelfde geslacht; {V} dwingt vrouwelijk af
{leeftijd} {leeftijdOud} {leeftijdKind} {leeftijdTiener}25–92, 70–95, 2–13, 14–17 jaar
{weken} {maanden}willekeurig aantal
10293 sjablonen
TypeBeller en tekstLocatiesUrenGew.
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}, de verpleging hier. {Bewoner} is vanochtend wakker geworden met een verlamde linkerkant.nursing_home0.81Bewerken
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}, de verpleging hier. {Bewoner} kan het gewone gesprek opeens niet volgen en kijkt verbaasd naar eenvoudige vragen. De arm aan één kant lijkt geen kracht meer te hebben.nursing_home0.81Bewerken
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}, de verpleging hier. {Bewoner} kan {zijn} rechterarm en -been niet meer bewegen sinds een halfuur.nursing_home0.81Bewerken
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}, de verpleging hier. {Bewoner} kon bij het vorige contact beide handen gebruiken en laat nu alles aan één kant vallen. {Hij} kan de arm aan die kant niet meer optillen.nursing_home0.81Bewerken
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}, de verpleging hier. {Bewoner} kon tijdens de vorige ronde nog normaal praten. Nu begrijpt {hij} ons niet en beweegt één arm niet mee.nursing_home0.81Bewerken
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}, de verpleging hier. {Bewoner} morste ineens de drank uit de mond en kan één arm niet meer gebruiken. Het begon terwijl er iemand naast {hem} zat.nursing_home0.81Bewerken
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}, de verpleging hier. {Bewoner} werd aangetroffen met een scheve mond en kan niet vertellen wanneer dat begon. Bij het laatste gesprek eerder vandaag was alles nog normaal.nursing_home0.81Bewerken
P004een verpleegkundige: Met {naam} in {gemeente}. Een bewoonster kan haar linkerkant niet meer bewegen sinds het middageten.nursing_home1.36Bewerken
P004de patiënt: Mijn adres is {adres}, ik bel voor mezelf. Ik kan mijn linkerarm plots niet meer optillen en mijn mond voelt scheef. Dat is tien minuten geleden begonnen.home0.68Bewerken
P004de patiënt: Mijn adres is {adres}, ik bel voor mezelf. Ik kon net een paar minuten niet goed praten en mijn hand was helemaal slap. Het lijkt nu beter, maar ik ben bang.home0.68Bewerken
P004de patiënt: Mijn adres is {adres}, ik bel voor mezelf. Mijn rechterbeen doet ineens niet meer mee en ik zie dubbel. Ik ben niet gevallen, het begon gewoon plots.home0.68Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} had daarnet korte tijd moeite met spreken en een afhangende mondhoek. Het lijkt hersteld, maar het was een duidelijke plotselinge verandering.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} heeft geheugenproblemen, maar spreekt normaal duidelijk. Nu hangt de mond scheef en komt er geen begrijpelijke zin meer uit.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} heeft sinds het ontbijt een scheve mond en kan {zijn} linkerarm niet omhoog houden.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} is altijd al wat moeilijk ter been, maar sleept sinds enkele minuten plots één been mee. Ook de spraak is ineens veranderd.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} is vanochtend wakker geworden met een verlamde linkerkant.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} is wakker geworden met onduidelijke spraak en kan niet meer op beide benen staan. Gisteravond ging het nog goed.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} kan het gewone gesprek opeens niet volgen en kijkt verbaasd naar eenvoudige vragen. De arm aan één kant lijkt geen kracht meer te hebben.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} kan {zijn} rechterarm en -been niet meer bewegen sinds een halfuur.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} kon bij het vorige contact beide handen gebruiken en laat nu alles aan één kant vallen. {Hij} kan de arm aan die kant niet meer optillen.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} morste ineens de drank uit de mond en kan één arm niet meer gebruiken. Het begon terwijl er iemand naast {hem} zat.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {PersoonOud} werd aangetroffen met een scheve mond en kan niet vertellen wanneer dat begon. Bij het laatste gesprek eerder vandaag was alles nog normaal.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} antwoordt met onbegrijpelijke zinnen terwijl {hij} ons wel aankijkt. De ene mondhoek beweegt bijna niet als {hij} probeert te lachen.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} begrijpt eenvoudige vragen plots niet meer en gebruikt verkeerde woorden. Dat is ongeveer tien minuten geleden begonnen.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} begrijpt onze vragen, maar er komen alleen losse, verkeerde woorden uit. Een paar minuten geleden sprak {hij} nog zoals altijd.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} had een kwartier geleden een scheve mond en een slappe hand. Het is grotendeels hersteld, maar {hij} blijft zich vreemd voelen.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} had kort een scheve mond en kon nauwelijks spreken. Dat lijkt nu wat beter, maar het gebeurde zojuist voor onze ogen.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} heeft plots evenwichtsproblemen en spreekt alsof de tong niet mee wil. {Hij} is niet gevallen en had hiervoor geen klachten.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} heeft sinds enkele minuten een gevoelloze wang en een slappe arm aan dezelfde kant. {Hij} zegt dat dit volledig nieuw is.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} is plots heel verward en verstaat ons niet meer.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} kan een arm niet meer optillen en zegt geen kracht in de hand te hebben. Dit is tijdens ons gesprek opeens begonnen.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} kan niet meer duidelijk zeggen wat {hij} nodig heeft en sleept met één voet. Het begon toen {hij} net wilde vertrekken.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} kan plots de namen van bekende mensen niet meer zeggen. De mond staat scheef en een arm blijft slap langs het lichaam hangen.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} kan plots niet meer lezen wat er op het scherm staat en zoekt naar woorden. De rechterhand voelt ook slap.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} kon net even niet praten en had een slappe arm. Het lijkt nu over, maar het begon heel plots.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} liet een voorwerp vallen en kan het met dezelfde hand niet meer vastpakken. {Hij} spreekt sinds dat moment heel onduidelijk.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} liet ineens een tas vallen en krijgt de woorden niet meer uitgesproken. Vijf minuten geleden was alles nog normaal.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} loopt plots naar één kant en krijgt het been aan die kant niet goed mee. Ook het gezicht ziet er anders uit dan daarnet.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} praat plots heel raar en de mond hangt scheef.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} sprak eerst normaal en kon even later niet meer uit de woorden komen. De hand aan één kant valt telkens terug omlaag.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} zei dat één oog ineens niet goed zag en kreeg daarna moeite met spreken. {Hij} is wakker en de klachten blijven aanwezig.home2.04Bewerken
P004een familielid: Mijn adres is {adres}. {Persoon} ziet plots dubbel, is duizelig en praat met een dikke tong.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} had daarnet korte tijd moeite met spreken en een afhangende mondhoek. Het lijkt hersteld, maar het was een duidelijke plotselinge verandering.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} heeft geheugenproblemen, maar spreekt normaal duidelijk. Nu hangt de mond scheef en komt er geen begrijpelijke zin meer uit.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} heeft sinds het ontbijt een scheve mond en kan {zijn} linkerarm niet omhoog houden.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} is altijd al wat moeilijk ter been, maar sleept sinds enkele minuten plots één been mee. Ook de spraak is ineens veranderd.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} is plots heel verward en verstaat ons niet meer.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} is vanochtend wakker geworden met een verlamde linkerkant.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} is wakker geworden met onduidelijke spraak en kan niet meer op beide benen staan. Gisteravond ging het nog goed.home2.04Bewerken
P004een familielid: Snel alstublieft, {adres}! {PersoonOud} kan het gewone gesprek opeens niet volgen en kijkt verbaasd naar eenvoudige vragen. De arm aan één kant lijkt geen kracht meer te hebben.home2.04Bewerken
« VorigePagina 26 van 206Volgende »